opinie

Bouw houdt zelf vernieuwing tegen

Sommigen zien hem als een Don Quichot die al decennialang vecht tegen de inefficiëntie in de Nederlandse bouw. Sinds 2011 predikt hij zijn Legolisering van de bouw. “Zonder al te veel succes overigens, want de bouw blijft gewoon vasthouden aan de traditionele verhoudingen en werkwijzen die de echte vooruitgang tegenhouden”, zegt Hennes de Ridder.

Toch blijft de gepensioneerd hoogleraar zijn verhaal vertellen. “Omdat ik weet dat het zoveel beter en efficiënter kan dan zoals het nu georganiseerd is. De theorie achter de legolisering klopt, dat is in andere sectoren wel aangetoond. De bouw wil er alleen niet aan omdat in de bouw verantwoordelijkheden liggen bij partijen die geen enkel belang hebben bij betere, snellere en goedkopere bouwprocessen. Daarom blijven de faalkosten ook zo hoog.”

Consultants

Als voorbeeld noemt de Ridder de consultants die – zeker bij grote bouw- en infraprojecten – namens de opdrachtgever een grote rol in het hele traject spelen. “Ik durf wel te stellen dat die groep voor een belangrijk deel vernieuwing in de bouw tegenhoudt. Zij tekenen en rekenen het liefst ieder project een aantal keren door, zodat ze hun uren kunnen blijven schrijven. Zij zijn alleen maar gebaat bij projecten die uit de hand lopen.” De positie die deze consultants in kunnen nemen, danken ze aan decentralisatie en bezuinigingen waarbij de landelijke overheid in het verleden lagere overheden en organisaties als Rijkswaterstaat bezuinigingen oplegde. De Ridder: “In die jaren is veel kennis bij die overheden en organisaties verdwenen en de consultants zijn handig in dat gat gesprongen. Zij gijzelen nu de vooruitgang in de bouw.”

Hennes de Ridder - Emeritus Hoogleraar Integraal Ontwerpen aan TU Delft

"Omdat ik weet dat het zoveel beter en efficiënter kan dan zoals het nu georganiseerd is."

Aannemers

Ook grote aannemers lijken niet gevoelig voor vernieuwing en innovatie. “Zij houden krampachtig vast aan hun traditionele werk- en denkwijze en zijn daardoor een remmende factor voor hun eigen toekomst. Wat de bouw namelijk niet doet, is leren en repeteren. Dat doen aannemers niet, ook niet met behulp van de huidige digitale mogelijkheden.” Doordat ieder bouwproject als uniek project door de opdrachtgever naar de markt wordt gebracht, blijft de aannemer steeds met unieke oplossingen komen. “Samen met de onderaannemers gaat de aannemer aan de slag en probeert hij met het team en beschikbare materialen aan de unieke wensen van de opdrachtgever te voldoen. Een bijzonder inefficiënte top-down-benadering.”

Standaardiseren

Door een bouwproject op een andere manier uit te vragen, kan de bouw volgens De Ridder beter, goedkoper en sneller werken. “Daarbij moet je uitgaan van standaardisering van de relaties tussen de verschillende elementen die je voor een bouwwerk nodig hebt. Neem bijvoorbeeld een viaduct. Nu vraagt Rijkswaterstaat voor ieder nieuw viaduct een uniek en nieuw ontwerp terwijl de structuur van de meeste viaducten gelijk is. Bouwers maken gebruik van dezelfde elementen en materialen, alleen afmetingen en vorm van die elementen kunnen verschillen.” Door vooraf de relaties tussen de verschillende elementen in een viaduct vast te leggen en zaken als belasting en draagkracht in parameters te definiëren, kun je eenvoudig een ontwerp van een viaduct aanpassen aan de gewenste schaal, zo zegt De Ridder. “Het begint dus al met de vraag van de opdrachtgever: die moet niet vragen naar een uniek viaduct, maar hij moet voorwaarden beschrijven waaraan het viaduct moet voldoen en vragen om de beste oplossing. De aanbieder die zijn viaduct geparametriseerd in de computer heeft zitten biedt dat ding nog dezelfde dag aan. Die bottom-up benadering werkt veel beter.” Maar daar zijn de consultants juist zo bang voor.

Prefab is gericht op een efficiënter proces, maar het is nog steeds gericht op uniek maatwerk.

Industrialisatie

 “Voor ongeveer 80 procent van alle bouwwerken geldt dat ze met behulp van industrieel bouwen gerealiseerd kunnen worden.” Daarbij plaatst de ridder de kanttekening dat industrieel bouwen iets anders is dan prefab bouwen. “Bij prefab wordt eigenlijk dezelfde werkwijze toegepast alleen wordt een deel in een werkplaats of fabriekshal geproduceerd en vervolgens naar de bouw getransporteerd en daar gemonteerd. Prefab is gericht op een efficiënter proces, maar het is nog steeds gericht op uniek maatwerk. Daarentegen is industrieel bouwen gericht op een product dat ontwikkeld wordt met R&D en zowel gevalideerd als gegarandeerd is.” Dat zijn precies de belangrijkste voordelen die industrieel bouwen te bieden heeft. Of zijn legolisering ooit vaste voet aan wal gaat krijgen in de bouw, betwijfelt De Ridder. “Maar”, zo klinkt het met een grote lach op zijn gezicht. “Ik blijf mijn verhaal wel vertellen. Al was het maar om tegen de heilige bouwhuisjes te blijven schoppen.”

Hennes de Ridder

Prof.dr.ir. H.a.j. de Ridder (73 jaar) werkte na zijn studie Civiele Techniek in Delft bij de HBG. In de ruim twintig jaren die volgden, werkte hij op een aantal grote projecten waaronder de Ekofisk Protective Barrier en de stormvloedkeringen in de Oosterschelde en de Nieuwe-Waterweg. In 1994 promoveerde hij op ‘design & Construct of Complex Civil engineering Systems’. Een jaar later werd hij deeltijdhoogleraar methodisch ontwerpen op de Faculteit Civiele Techniek en Geowetenschappen van de Technische Universiteit delft. In 2004 werd hij hoogleraar integraal ontwerpen en bekleedde toen ook de leerstoelen Bouwinformatica en Bouwprocessen. In 2011 verscheen zijn boek legolisering van de Bouw, industrieel maatwerk in een snel veranderende wereld.

Deel dit artikel

Share on facebook
Share on twitter
Share on linkedin
Share on whatsapp

Meer Opinie

Om deze website goed te laten werken plaatsen we functionele cookies. We plaatsen analytische cookies om te bepalen welke onderdelen van de website het meest interessant zijn voor bezoekers. Deze cookies gebruiken geen persoonsgegevens.
Meer uitleg